Joan Miró werd geboren op 20 april 1893 in het Spaanse Montroig, in de buurt van Barcelona. Als kind reeds tekende Miró veel en vanaf zijn zevende volgde hij tekenlessen. Miró reist naar Parijs en raakt bevriend met Picasso. Schildert ‘zelfportret’ welke hij aan Picasso weggeeft.
Vanaf 1924 onderhoudt hij nauwe contacten met de surrealisten. Hij ondertekent ook het surrealistisch manifest. Miró is vooral door zijn litho's uit de jaren '50 bij een breder publiek bekend geworden. In die tijd gebruikte hij vooral zeer eenvoudige tekens in pure kleuren In 1983 Miró wordt negentig.
Zijn verjaardag wordt over de hele wereld gevierd met eerbewijzen en tentoonstellingen. Fundació Joan Miró toont werk uit de twintiger jaren. In de winter verslechtert de gezondheidstoestand van Miró. Hij sterft op 25 december in Palma de Mallorca en wordt in Barcelona begraven.
Kleur is een belangrijk kenmerk van het werk van Joan Miró. Met name blauw komt veel voor, evenals de basiskleuren rood, zwart, groen en geel. De vlakken zijn meestal helder geschetst, zwarte lijnen omranden of doorsnijden de gekleurde vlakken. Zijn doeken worden beheerst door een speelse en kleurrijke variatie van veelal organische vormen. Miró's werk kent een aantal regelmatig terugkerende thema's, zoals bijvoorbeeld hemellichamen en ladders. Door de onrealistische vormen, felle kleuren en lijnen doen Miró's tekeningen sterk lijken aan die van kinderen, Miró probeert door middel van deze vormen en kleuren terug te gaan naar de oorsprong. Veel van de afbeeldingen op zijn affiches hebben ogen. Op deze manier zoekt het affiche, dat natuurlijk het doel heeft de aandacht te trekken, direct oogcontact met degene die er naar kijkt. Origineel werk van Miro is voor de gewone man onbetaalbaar. Gelukkig zijn er veel litho's en zeefdrukken van zijn werk te koop. Veel van zijn zeefdrukken en litho'szijn niet met de hand, maar in de druk of helemaal niet gesigneerd.
De handtekening van Miró is een verhaal apart. Miró signeert zijn werken nooit door alleen zijn naam te zetten. Zijn naam maakt altijd deel uit van het kunstwerk. Bij de ene creatie zet hij de vier letters van zijn naam netjes naast elkaar, soms als in het Chinese schrift onder elkaar en dan weer staan de tekens door elkaar of tussen andere letters. Miró's handtekening kan worden beschouwd als zijn zelfportret.
|